Skip to main content

Huisbezoeken : Laatste advies van de Raad van State, fundamentele kritiek blijft ongewijzigd

Posted on

Wij, de onder­te­ke­nende orga­ni­sa­ties, heb­ben ken­nis­ge­no­men van het laatste advies dat de Raad van State op 11 mei 2026 heeft uit­ge­bracht over het wets­voors­tel betref­fende huis­be­zoe­ken. Ter herin­ne­ring : op 20 augus­tus 2025 had de Raad van State het voo­ront­werp van wet betref­fende huis­be­zoe­ken, in de bewoor­din­gen van de pers, al “afge­brand” en gevraagd dat de tekst “fun­da­men­teel her­zien” zou worden.

In het nieuwe advies van 11 mei 2026, dat hem door de rege­ring werd gevraagd, geeft de Raad van State expli­ciet aan dat hij de grond van het wets­voors­tel niet opnieuw onder­zoekt, omdat hij zijn juri­dische ana­lyse al had gege­ven in zijn advies van 20 augus­tus 2025 : wan­neer hij een tweede advies uit­brengt, onder­zoekt de Raad van State alleen de nieuwe bepa­lin­gen. Hij ver­dui­de­lijkt ook dat het niet aan hem toe­komt te veri­fië­ren of de rege­ring daad­wer­ke­lijk reke­ning heeft gehou­den met zijn eer­dere kritiek.

Onze orga­ni­sa­ties kon­den de ver­sie van de tekst raad­ple­gen die naar de Raad van State werd terug­ges­tuurd. Hie­ruit blijkt dat er geen sub­stan­tiële wij­zi­gin­gen zijn aan­ge­bracht aan het oors­pron­ke­lijke dis­po­si­tief die de fun­da­men­tele kri­tiek van de Raad van State zou­den beant­woor­den. De vijf aan­pas­sin­gen die in het laatste advies wor­den ver­meld, zijn van onder­ges­chikt belang en de Raad van State zelf merkt ero­ver op dat ze “geen opmer­kin­gen vereisen”.

De kri­tiek die tij­dens het eerste onder­zoek werd gefor­mu­leerd, bli­jft dan ook vol­le­dig actueel. Op de meest fun­da­men­tele kri­tiek­pun­ten van de Raad van State is geen ant­woord gege­ven. Erns­tige inbreuk op de onschend­baa­rheid van de woning en het recht op pri­vé- en gezins­le­ven, afwe­zi­gheid van een recht op beroep tegen een mach­ti­ging voor een huis­be­zoek, onvol­doende bes­cher­ming van der­den — met name kin­de­ren die in het laatste ont­werp nog steeds het risi­co lopen een trau­ma op te lopen als gevolg van een bezoek aan hun woning.

Daar­bij komt de juri­dische onnauw­keu­ri­gheid van het begrip “gevaar voor de open­bare orde”, dat de deur kan open­zet­ten voor brede en poten­tieel wille­keu­rige inter­pre­ta­ties, zoals onder meer door MYRIA en de Asso­cia­tie Syn­di­cale des Magis­trats werd bena­drukt. Inte­gen­deel : de laatste ver­sie van de tekst pre­ci­seert dat “het lou­tere feit in onre­gel­ma­tig ver­bli­jf te zijn op zich­zelf niet vol­staat om als een gevaar voor de open­bare orde te wor­den bes­chouwd, maar dat het in aan­mer­king kan wor­den geno­men.” Een lou­ter admi­nis­tra­tief onre­gel­ma­tige situa­tie zou dus voor­taan in aan­mer­king kun­nen wor­den geno­men om een per­soon te criminaliseren.

Het ver­dient ook in herin­ne­ring te bren­gen dat het bes­taande juri­disch arse­naal het al moge­lijk maakt om effec­tief op te tre­den bij een reële bedrei­ging voor de open­bare vei­li­gheid : aan­hou­ding­sbe­ve­len en huis­zoe­king­sbe­ve­len in het kader van stra­frech­te­lijke pro­ce­dures. Dit wets­voors­tel biedt in dat opzicht dan ook geen meer­waarde. Inte­gen­deel, het ver­laagt het niveau van bes­cher­ming en waar­bor­gen voor bur­gers in geval­len waa­rin hun woning aan een inbraak zou wor­den onder­wor­pen — spe­ci­fiek wan­neer een per­soon zon­der ver­bli­jf­sver­gun­ning bij hen verblijft.

Gelet op deze ele­men­ten hand­ha­ven de onder­te­ke­nende orga­ni­sa­ties hun vraag om dit voo­ront­werp van wet zui­ver en een­vou­dig te laten val­len. Een gedeel­te­lijke her­zie­ning vol­staat niet. Het is immers het prin­cipe zelf van huis­be­zoe­ken bui­ten enige stra­frech­te­lijke pro­ce­dure en met het oog op admi­nis­tra­tieve arres­ta­ties dat ter dis­cus­sie staat. Dit wets­voors­tel zou in de prak­tijk inter­ven­ties in pri­vé­wo­nin­gen toes­taan om arres­ta­ties uit te voe­ren die gemo­ti­veerd zijn door een gebrek aan admi­nis­tra­tieve regu­la­ri­teit. Een der­ge­lijke maa­tre­gel roept fun­da­men­tele vra­gen op over de eer­bie­di­ging van de rechtss­taat en de grond­wet­te­lijk gewaar­borgde rechten.

De Raad van State maakt geen beleid — hij ziet er slechts op toe dat ons posi­tief recht in ove­reens­tem­ming is met de men­sen­rech­ten en onze Grond­wet. Dit is een bood­schap die een rege­ring die de rechtss­taat res­pec­teert niet kan nege­ren. Als de rege­ring ondanks alles bes­luit dit pro­ject in het Par­le­ment voort te zet­ten, ondanks de herhaalde waar­schu­win­gen van de Raad van State, dan zal het aan de par­le­men­tai­ren zijn om erte­gen te stem­men. Res­pect voor de Grond­wet en de gron­drech­ten kan niet als een poli­tieke optie onder andere wor­den bes­chouwd. Bij zo mani­feste schen­din­gen van ele­men­taire gron­drech­ten dwingt de eed van gehoor­zaam­heid aan de Grond­wet onze ver­ko­ze­nen niet tot onthou­ding, maar wel tot het wei­ge­ren van een vri­j­heid­be­ro­vende en ongrond­wet­te­lijke maatregel.


Onder­te­ke­nende orga­ni­sa­ties :
Asso­cia­tion Syn­di­cale des Magis­trats : Laurent Sacré
Avocats.be : Sté­phane Gothot
BAPN (Bel­gisch Net­werk Armoe­de­bes­tri­j­ding): Caro­line Van der Hoe­ven
Bel­Re­fu­gees : Meh­di Kas­sou
Bruxelles Laïque : Fabrice Van Rey­me­nant
CAL : Benoit Van­der­meer­schen
CIRÉ : Sotie­ta Ngo
CNCD-11.11.11 : Arnaud Zacha­rie
Fédé­ra­tion des Ser­vices Sociaux : Céline Nieu­wen­huys
FGTB : Sele­na Car­bo­ne­ro Fer­nan­dez
Ligue des Droits Humains : Sibylle Gioe
Ligue des Familles : Made­leine Guyot
Mou­ve­ment Ouvrier Chré­tien : Ariane Estenne
Réseau Wal­lon de Lutte contre la Pau­vre­té : Chris­tine Mahy
Les Ter­ri­toires de la Mémoire : Michaël Bisschops